Vertaling van pausa
Inhoud:
Portugees
Nederlands
pausa, suspensão {zn.}
pauze
rust
rust
João disse: "Galera, vamos fazer uma pausa."
John zei: "Hé jongens, laten we een pauze nemen."
de tempo, pausa, intervalo {zn.}
pauze
time-out
korte onderbreking
time-out
korte onderbreking